Aan: burgemeester en wethouders van Zoetermeer en
de gemeenteraad van de gemeente Zoetermeer
Postbus 15,
2700AA
Zoetermeer
Zoetermeer, 17 juli 2008
Onderwerp:
A. Zienswijze het ontwerp-bestemmingsplan Seghwaert 2006
B. Zienswijze ontwerp-besluiten
hogere waarden voor geluid Seghwaert 2006
Geachte burgemeester, geacht college, geachte raad,
1. Zienswijze:
- ontwerp-bestemmingsplan Seghwaert 2006 en
- voor geluid ontwerp-besluiten hogere waarden Seghwaert 2006
In het Plaatselijk Nieuwsblad van 30 juni 2008 maakt u uw voornemen bekend tot het opstellen van een nieuw bestemmingsplan.
Hierbij maakt ondergetekende E.E.F. Stevenhagen zijn zienswijze kenbaar over:
Procedureel is de zienswijze ontwerp-bestemmingsplan a) gericht aan de
gemeenteraad van de gemeente Zoetermeer en de zienswijze ontwerp-besluit hogere
waarden voor geluid b) gericht aan de het college van burgemeester en
wethouders van de gemeente Zoetermeer. Het ontwerp-plan en ontwerp-besluit
kunnen echter niet los van elkaar worden besproken. Het ontwerp-besluit geeft
mogelijkheden met betrekking tot de invulling van het ontwerp-plan. Omgekeerd
vraagt het ontwerp-plan wel of niet om het ontwerp-besluit.
In de zienswijze motiveer ik de ondeugdelijkheid van het ontwerp-plan dat de belangen van de inwoner van Seghwaert schaadt en in strijd is met het uitgesproken beleid van de gemeente zelf, de provincie Zuid-Holland en het ministerie VROM. Het ontwerp-besluit deugt ook in vele opzichten niet. Na het lezen van mijn zienswijze zal de kritische lezer inzien dat de berekeningen, de invoer en de gebruikte modellen van lucht en geluid en daarmee het gepresenteerde resultaat niet serieus te nemen zijn.
Ook wordt de rol van Wethouder Emmens ter discussie gesteld en vraag ik om een onderzoek naar de gang van zaken. Ik besluit met het verzoek aan de raad het ontwerp-bestemmingsplan Seghwaert 2006 niet vast te stellen. Burgemeester en wethouders van Zoetermeer wil ik daarmee aangeven dat daarmee de behoefte aan een besluit hogere waarden voor geluid Seghwaert 2006 ook niet meer bestaat te meer omdat de onderliggende berekeningen niet deugen.
2. Zienswijzen
De zienswijzen zijn onderverdeeld in:
Aanvullend wordt gerefereerd aan het meerjarenprogramma herziening bestemmingsplannen .
2.1 Zienswijzen van procedurele aard
2.1.1 Wijzigen documenten tijdens de inzagetermijn.
Vastgesteld is dat lopende de eerste terinzagelegging van het bestemmingsplan documenten zijn vervangen door documenten met een gewijzigde inhoud. Ik heb gewaarmerkte kaarten gezien die afwijken van de kaart die mij ter inzage was gegeven. De plankaart is vervangen door een gewijzigd exemplaar zonder dat het wordt gemeld of op de kaart wordt aangetekend. Dat is frauduleus. De hernieuwde terinzagelegging ligt aan dit handelen ten grondslag. Onbekend is wie de verkeerde informatie heeft ontvangen of een verkeerde beoordeling heeft gemaakt en die verkeerde beoordeling met anderen heeft gedeeld.
2.1.2 Geen melding van hernieuwde inzage in de Staatscourant.
De eerste inzage van het plan is gemeld in de Staatscourant. De hernieuwde inzage twee weken later op 30 juni 2008, is niet gemeld in de Staatscourant. Dat is niet correct en reden voor een nieuwe terinzagelegging.
2.1.3 Inzage gedurende de vakantieperiode. Een inzage gedurende de vakantieperiode is niet correct en geeft een verkeerd signaal richting de burger.
2.1.4 Onjuiste melding op Internet. Bij de informatieverstrekking op de internetsite wordt gewezen naar oude informatie waaruit de conclusie kan worden getrokken dat:
a. de inzagetermijn slechts 4 weken is en geen 6 weken
b. dat de inzagetermijn is gesloten terwijl dat niet waar was.
c. Op 10 juli 2008 wordt op Internet de mededeling geplaatst dat het bestemmingsplan enz. vanaf 30 juni 2008 ter inzage ligt. Dat is 10 dagen te laat.
Reden voor een nieuwe terinzagelegging.
2.1.5 Documentdata zijn recenter dan de ondertekening van het advies. Het ontwerp bestemmingsplan Seghwaert 2006 en ontwerpbesluit hogere waarden geluid met bijlagen is door de verantwoordelijken getekend op tussen 28 mei 2008 en 4 juni 2008 (te behandelen 10 juni 2008). De plankaart is op 2 juni 2008 nog gewijzigd. Rapportage verkeer, lucht en geluid is van 9 juni. De kaart verlenen hogere waarde voor geluid is van 13 juni 2008.
Betekent dit dat de rapportages na ondertekening van het advies nog zijn aangepast?
2.2 Zienswijzen van technische aard
De plankaart
Begeleidend tekstdocument
De plankaart
2.2.1 Op de plankaart verschoven bestemmingsinformatie
In de eerste terinzagelegging waren planinformatie en topografische ondergrond ca 20 meter ten opzichte van elkaar verschoven. Bij mijn eerste bezwaar werd dit aan de publieksbalie afgedaan als of de verschoven planinformatie geen probleem was en de kaart voldoende duidelijk was. Dit getuigt niet van kwaliteitsbewustzijn of enige kennis van zaken.
2.2.2 De bouwhoogte is onleesbaar en daarom onbepaald
In het beschrijvende plan wordt voor de maximale gevel- en bouwhoogte verwezen naar de bindende informatie op de plankaart. De bouwhoogte op de plankaarten is niet leesbaar door een te klein en onleesbaar formaat waar over heen bovendien perceelgrenzen zijn afgedrukt. Op een eerder bezwaar tijdens de inspraak geuit werd aangegeven dat de kaart aan alle eisen voldeed en dat de informatie wel digitaal vastligt. Een kaart met de informatie kan tegen betaling worden verkregen.
Deze gang van zaken is laakbaar. De antwoorden zijn niet juist. De inzage van het plan wordt tegengewerkt.
2.2.3 Namen van straten en gebouwen, huisnummers zijn onleesbaar.
De plankaart is op een te lage resolutie afgedrukt. Daardoor zijn alle namen van straten, gebouwen, huisnummers onleesbaar en bestaat geen mogelijkheid informatie in het beschrijvende rapport, op grond van bijvoorbeeld straatnaam, op de plankaart na te slaan. De inzage van het plan wordt bemoeilijkt.
2.2.4 Legenda van de kaart komt niet overeen de symbolen en arceringen op de plankaart.
De symbolen en arceringen in de legenda wijken af in schaal en oriëntatie van de gebruikte tekens en arcering op de kaart. Bij de wijzigingsbevoegdheid is bovendien gebruik gemaakt van een afwijkende lijnkeuze voor de arcering. Dit maakt dat de kaart alleen met veel voorbehoud en onzekerheden kan worden geïnterpreteerd maar juridisch gezien is de aangeboden analoge kaart onbruikbaar.
2.2.5 Op het Buizerveld 67 bevindt zich het reclame- en adviesbureau INRECO BV. Naar mijn mening had ook dit gedeelte een maatschappelijke bestemming en was er de praktijk van een huisarts gevestigd. Ik heb nergens kunnen vinden dat de bestemming van het oude plan is gewijzigd. Kan dit worden toegelicht.
2.2.6 De Aspergeakker, vlek H is al volgebouwd. De beschrijving van het huidige gebouw en het gebruik daarvan ontbreekt. Is de bouw in overeenstemming met het geldende (oude) bestemmingsplan? Of is er een voorschot genomen op de aanpassing van het bestemmingsplan.
2.2.7 Waar is vlek I in de genoemde reeks figuur 1 “Plangebied met ontwikkelvlekken A t/m L. Is de locatie I al gerealiseerd? En zo ja is dat conform het geldende oude bestemmingsplan.
2.2.8 De uitbreiding aan de Karwijakker ontwikkelvlek J ontbreekt op de kaart.
De uitbreiding de beschreven wordt aan de Karwijakker (vlek J) en ingetekend op een onleesbare kaart (kaart 4.3 uitbreidingslocaties) ontbreekt op de plankaart.
2.2.9 Verschillende posities van de ontwikkelvlekkenvlekken K en L
Figuur 1 AZ-doc “plangebied Seghwaert , wijzigingslocaties aangegeven in oranje” toont een andere locatie van vlek K en vlek L dan figuur 1 “Plangebied met ontwikkelvlekken A t/m L.
2.2.10 Datering van documenten
De datering van documenten en de versie is niet altijd even duidelijk of ontbreekt.
2.2.11 Nummering van de pagina’s
De nummering van de pagina’s is inconsequent. Soms wordt een titelblad en/of blanco achterzijde wel, en een andere keer niet doorgenummerd. Ook bevinden zich een groot aantal ongenummerde pagina’s in het beschrijvende bestemmingsplan.
Het document dient te worden doorgenummerd dan wel zodanig opgesteld dat een eenduidige referentie naar alle pagina’s mogelijk is. Dit is een noodzakelijke eis omdat is vastgesteld dat documenten die ter inzage liggen, worden gewijzigd tijdens de inzageperiode:
Externe Veiligheid
2.2.12 Externe veiligheid
Het huidige gebruik van een strook die beschreven wordt met de dubbelbestemming leidingen wordt niet beschreven. Het gaat waarschijnlijk om een 8 bar aardgasleiding. De dubbelbestemming loopt door de Maatschappelijke bestemming t.b.v. ’t Seghe Waert. Omdat hier sprake kan zijn van een potentieel groepsrisico is een nadere uitwerking van het externe risico gewenst ook al zou het risico verwaarloosbaar zijn.
Schriftelijk verzoek aan de gemeente Zoetermeer (2x per e-mail) om informatie te verkrijgen over de leiding in de strook leverde als antwoord op dat men niet specifiek kon aangeven welke leidingen in de strook liggen (H. Orsel, Bouwen en Wonen, 8 juli 2008). Dit zou er op duiden dat het hoofdstuk geen volledig beeld geeft met betrekking tot de externe veiligheid.
De hoge druk CO2-leiding is op een zelfde wijze onder de wijk Oosterheem en het toekomstige station Bleizo verstopt. Ik had gehoopt dat men hier een les uit had getrokken. Mochten overigens risicolopende leidingen ook in de nabijheid, maar buiten het plan liggen, dan zouden die ook aangegeven dienen te worden.
Luchtkwaliteit
2.2.13 Berekening luchtkwaliteit
De berekening van de gevolgen voor de luchtkwaliteit zijn volledig onbetrouwbaar omdat:
2.2.13.1 Foutieve opgave verkeersproductie Aspergeakker Vlek H.
Ik citeer
“In de nieuwe situatie worden maximaal 14 woningen gerealiseerd. In deze situatie wordt uitgegaan dat de verkeersproductie 14 mvt/etmaal per woning bedraagt. In totaal zal de verkeersproductie vanuit de woningen maximaal 48 mvt/etmaal bedragen.” En in tabel 13.1; “Totaal verkeersproductie +84 mvt/etmaal”
Uitgaande van de gegeven basisgegevens is de verkeersproductie 14 woningen x 14 mvt/etm/woning = 196 mvt/etmaal en niet 84 en niet 48.
2.2.13.2 Foutieve rekenmodule programmaversie CAR II, berekening luchtkwaliteit
Punt 3.2 rekenmodel: Voor de berekening is gebruik gemaakt van het programma “Calculation of airpolution from roadtraffic II” versie 7.0, afgekort CAR II versie 7.0.
Op de site van InfoMil wordt gewaarschuwd dat in CAR II versie 7.0 fouten zitten die leiden tot een te lage verkeersbijdrage en wellicht een incorrecte NO2 concentratie. De berekening dient daarom opnieuw te worden uitgevoerd met de gecorrigeerde versie na 7.0.
2.2.13.3 Foutieve invoer straatmodel voor de berekening van de luchtkwaliteit
Bij een steekproef op het stratenmodel (pagina 1) bleken 3 van de 11 opgegeven coördinaten onjuist te zijn. Zo werd “Vaartdreef 21-22” geprojecteerd op Wingerdpark 87 (x= 94806, y=453249): een fout van 400 meter. De berekende resultaten luchtkwaliteit moeten als onbetrouwbaar en onbruikbaar worden beschouwd.
2.2.13.4 Bijlage berekening Stratenmodel sluit niet aan bij de informatie in het rapport
Op het stratenmodel (zie 2.2.10) wordt verwezen naar een versie 6.1.1. (2007) terwijl het rapport (zie 2.2.9) melding maakt van het gebruik van versie CAR II versie 7.0 (2008). Kunt u dit toelichten.
2.2.13.5 Onvolledige informatie over de gebruikte invoerdata
Bijlage 9 Lucht, na pag. 89 zijn de pagina’s genummerd 1 t/m 27. De bijbehorende bijlage I, II zijn opgenomen zonder toelichting of verwijzing (16 pagina’s). De parameters, programmaversie en correctiefactoren ontbreken waardoor de controle en de interpretatie van de data onmogelijk is. De aanduiding in de rechterbovenhoek doet vermoeden dat het gaat om de resultaten van CAR 6.1.1. De bijlagen III, IV zijn tot het onleesbare verkleind (12 pagina’s) en verwijzen naar de foutieve programmaversie CAR II versie 7.0.
De zeezoutcorrectie wordt met parameterwaarde 0 weergegeven omdat die niet is uitgedrukt in microgram per m3 maar in milligram per m3 (1 milligram = 1000 microgram). Er kan niet worden opgemaakt of correctie nu wel of niet heeft plaatsgevonden.
2.2.13.6 Onleesbare data.
De bijlagen III, IV zijn tot het onleesbare verkleind (12 pagina’s). Het is bijzonder ergerlijk en irritant dat de gemeente Zoetermeer keer op keer tabellen, figuren en andere documentatie onleesbaar worden gemaakt door de documenten onnodig en vaak extreem te verkleinen en/of slecht te reproduceren.
De genoemde bijlagen zijn onacceptabel.
2.2.13.7 Beperkte bijdrageberekening luchtmodel
De indruk wordt gewekt dat het verkeersmodel van de wijk wordt gebruik. Dit blijkt slechts marginaal te zijn gebeurd. Uit de informatie van de gebruikte invoer kan alleen maar worden afgeleid dat de bijdrage wordt berekend (getracht wordt te berekenen) van slechts een beperkt traject rond de ontwikkelvlekken.
In tabel 17.3 etmaalintensiteit toekomstig in mvt/etmaal, wordt een verkeerstoename geschetst voor ALLE doorgaande wegen van 1537 mvt/etmaal. Dit getuigt niet van enige zorgvuldigheid of ruimtelijk inzicht bij de opsteller van het rapport. Deze “worst case” toename als gevolg van de eerdere berekeningen van de toename verkeersproductie is onwaarschijnlijk. Wel is het zo dat de berekening van de bijdrage van totaal maximaal 1537 mvt/etmaal (als dit juist is) doorgerekend dient te worden voor de hele wijk, maar dat is blijkbaar niet gebeurd.
De gereden kilometers worden niet berekend.
De bijdrage aan de kwaliteit van de lucht wordt niet alleen bepaald door het aantal motorvoertuigen. Ook niet allen door het aantal mvt/etmaal maar door het aantal afgelegde kilometers van alle motorvoertuigen per etmaal.
Het aantal betrokken bewoners wordt niet berekend.
Ook wordt bij de evaluatie niet meegenomen het aantal inwoners dat door de maatregel worden getroffen. CAR II biedt de mogelijkheid dit door te rekenen maar daar wordt geen gebruik van gemaakt.
Parkeergevoelige omgeving wordt niet berekend
CAR II biedt parameters om ook de parkeerbewegingen te verrekenen omdat dit een extra belasting vormt voor de luchtkwaliteit: stationair draaien motor, optrekken, afremmen. Behalve bij voorzieningen zoals winkelcentra is het met name belangrijk aandacht te besteden aan gevoelige objecten zoals scholen, kinderdagverblijven waar ouders kinderen halen en brengen.
2.2.13.8 Verkeerde modellering van het straatmodel
Als voorbeeld het verkeer Velddreef 2-4, berekening Car II versie 7.0.1.0 , jaar 2008, met zeezoutcorrectie 6 microgram per m3, geen dubbeltelling, afstand tot de as van de weg 10 meter.
De berekening in het rapport gaat uit van wegtype 2, bomenfactor 1, en leidt tot een jaargemiddelde autonoom en toekomstig van 27,5 en 27,9 microgram/m3: toename 0,4 microgram/m3.
Bij de boomdichtheid aan de Velddreef met bomen met een onderlinge afstand <= 15 meter, waarvan de boomkroon zijdelings en over de straat heen elkaar raken geldt een boomfactor 1,5. Omdat de meetafstand 10 meter kleiner is dan 15 meter (1,5 x de bouwhoogte van 9 meter) geldt het wegtype 3b.
Het resultaat is tot een jaargemiddelde autonoom en toekomstig van 28,4 (geen 27,5) en 29,6 (geen 27,9) microgram/m3: toename 1,2 (geen 0,4) microgram/m3.
Bovendien geldt dat voor de parameter snelheidstype een correctie toegepast zou moeten worden in de omgeving van verkeersdrempels. Het beeld is dus nog ongunstiger.
2.2.14 Bijlage Inventariserend onderzoek wijk Seghwaert te Zoetermeer. Waarom wordt in de opgave straatnaam huisnummer de Velddreef dubbel en daardoor verwarrend opgegeven als: Velddreef 117 – 273, Velddreef 13-324.
2.3 Argumenten en bezwaren van inhoudelijke aard
Ontwikkelvlekken en woonbestemming
2.3.1 Afstoten van ruimte bestemd voor maatschappelijke bestemmingen is funest..
Een deel van de ruimte die momenteel voor maatschappelijke bestemmingen bedoeld is wordt omgezet, met of zonder wijzigingsbevoegdheid, in woningbouw:
De intentie om van deze wijzigingsbevoegdheid gebruik te maken blijkt uit de actualisering van de geluid- en luchtkwaliteitonderzoeken.
Het ontbreekt aan Zoetermeers beleid om voorzieningen nu en in de toekomst in de wijk te handhaven. Door leegstand te creëren wordt de indruk gewekt dat er geen behoefte aan invulling van maatschappelijke voorzieningen zou zijn.
Door de flexibele maatschappelijke bestemming om te zetten in structurele woonbestemming zal men deze beleids- en planningsreserve verloren gaan en zal men in de toekomst niet in staat zijn tot een verantwoord dynamisch ruimtelijk beleid om de wijk aan de behoefte van de tijd in de toekomst aan te passen. Men geeft een planologisch stuurmiddel uit handen. Woningbouw is funest.
2.3.2 Noodzaak extra woningbouw wordt niet aangetoond
De noodzaak voor meer woningen binnen de wijk Seghwaert wordt onvoldoenden onderbouwd:
2.3.3 Leegstand leidt tot verloedering
In de wijk komt veel
leegstand voor. Leegstand beïnvloedt de fysieke uitstraling en het imago van de
buurt in negatieve zin. Leegstand kan voorts de fysieke leefomgeving verder
onder druk zetten en leiden tot verval en vandalisme.
In wijken met leegstand kan ook snel het gevoel van onveiligheid en
ontevredenheid bij de bewoners toenemen. Bij een ontspannen woningmarkt zullen
bewoners van een wijk met veel leegstand makkelijker in staat zijn hun wijk te
verlaten, terwijl de instroom hier relatief gering zal zijn. Daardoor neemt de
leegstand verder toe en de kwaliteit van de fysieke leefomgeving verder af. Op
deze manier kan een wijk in een negatieve spiraal terechtkomen.
Andere factoren zijn echter vele malen belangrijker in het proces van
schaalvergroting en concentratie van voorzieningen. Indien er al een relatie
bestaat tussen demografische ontwikkelingen en ontwikkelingen in het lokale
voorzieningenniveau, dan zou demografische krimp niet alleen een oorzaak maar
misschien ook een gevolg kunnen zijn van een afkalvend voorzieningenniveau.
Het verdwijnen van lokale voorzieningen vermindert immers (althans voor
sommigen) de aantrekkelijkheid van dorpen en buurten als woonomgeving. Een
negatief spiraalsgewijs proces van demografische krimp, woningleegstand en
verloedering van de woonomgeving zal
(Bron: krimp en ruimte bevolkingsafname, ruimtelijke gevolgen en beleid -Rotterdam Ruimtelijk Planbureau, Den Haag 2006)
2.3.4 De kwaliteit van de wijk staat onder druk
De kwaliteit van de wijk Seghwaert staat onder druk:
· De cijfers voor Seghwaert NO tussen 1997 -> 2005: dalende score perceptie sociale kwaliteit 6,2 -> 5,9; score algemene evaluatie van de buurt 7,7 – 7,2; groeiend aantal ondervraagden die van mening is: achteruitgang in het afgelopen jaar 20% -> 34%; achteruitgang verwacht in de toekomst 30 -> 43%.
· Een onderzoek in 2005 onderstreept de trend met “met name in Buytenwegh de Leyens en Seghwaert noordoost is men in het algemeen pessimistisch”.
· 4 mei 2004 - werd bijgaand verzoek tot een burgerinitiatief ingediend tot het plaatsen van een hekwerk teneinde ongewenst verblijf te voorkomen (station Seghwaert).
· 31 oktober 2005 - Uitwerking motie 13 stille/ enge plekken. Om de veiligheidsbeleving van de burger ten aanzien van "stille" en/of "onveilige plekken" in kaart te brengen is de burger in het voorjaar van 2005 opgeroepen plekken die hij als "stil" en/of "eng" ervaart, te melden bij de gemeente. Noordhove / Seghwaert was goed voor 24% van de reacties en 22 % van de genoemde plekken.
· Openbare vergadering van 31 oktober 2005 -Teruglopend gevoel van veiligheid in de wijk.
· openbare vergadering van 29 september 2003 “voor de wijken Seghwaert en Driemanspolder is extra monitoring gewenst,
· 27 oktober 2003 - Integraal Veiligheidsbeleid openbare vergadering
“Veel bewoners zijn volgens het onderzoek ontevreden over de ontmoetingsplaatsen en soosruimten in de buurt. Dit is met name het geval in Buytenwegh, De Leyens en Seghwaert.Ook in de wijk Seghwaert is volgens bewoners op diverse plaatsen sprake van overlast door jongeren. Daarnaast is in de totale wijk Seghwaert/Noordhove sprake van verpaupering op diverse plaatsen en van vernieling en vervuiling bij onder andere scholen en winkelcentra”.
· 21 december 2006 - Evaluatie integraal veiligheidsbeleid 2003 – 2006. Onveiligheidsgevoelens in de eigen buurt (per buurt), in percentages. 2001-2003- 2005, Seghwaert zuidwest 27%-30%-32%, Seghwaert noordoost 30%-35%- 42%.
· 9 september 2007 Evaluatie schade jaarwisseling: Schade in vijf van de zeven wijken toegenomen. In de wijk Rokkeveen is de meeste schade geconstateerd, maar ook in de wijken Centrum en Seghwaert zijn meer vernielingen dan elders aangericht.
2.3.5 Differentiatie in de wijk verdwijnt
De differentiatie verdwijnt, we bouwen aan een saai woongetto van de toekomst. Dat wat je nu weggeeft komt niet meer terug! We moeten er voor waken dat dit niet gebeurt afglijden tot de probleemwijk van de toekomst.
2.3.6 Perceel Akeleituin 16 – van onderwijsbestemming naar woonbestemming
Openbare vergadering 25 maart 2004.” Op het perceel Akeleituin 16 (school en voorterrein) rust ingevolge het uitwerkingsplan SE Seghwaert (Tuinen West en Parken Noord) de bestemming. Lager onderwijsvoorzieningen. Binnen deze bestemming is gebruik voor repetitieruimte niet toegestaan.
In het kader van de herziening van het bestemmingsplan voor heel Seghwaert wordt een herbestemming van de locatie voorzien. Dat neemt niet weg dat de aard van het voorgestelde gebruik (sociaal-culturele doeleinden, in het bijzonder repetitieruimte voor amateur-gezelschappen) op tijdelijke basis, in afwachting van een integrale planherziening, tot de mogelijkheden behoort.”
Waarom geen Sociale en culturele bestemming
Waarom wordt op de behoefte aan repetitieruimte voor onder andere amateurtoneel niet actief ingespeeld om daardoor cultuur in de wijk te brengen en deze grond als duurzame reserve voor toekomstig beleid te behouden.
2.3.7 Abrikozengaarde 26 - van welzijn naar woonbestemming
Voorbeeld van de wijze waarop maatschappelijke bestemmingen “bouwrijp” worden gemaakt.
Openbare vergadering 17 december 2007 - Overdracht pand Abrikozengaarde 26 van Welzijn aan het Grondbedrijf. De hoofdafdeling Welzijn heeft een groot aantal panden in eigendom, die worden verhuurd ten behoeve van uiteenlopende doelen. De huur van het pand Abrikozengaarde 26 is per 1 juli 2007 opgezegd door Kern Kinderopvang BV. Omdat er voor dit pand geen herbestemming aanwezig is, wordt het pand ten behoeve van een voorgenomen herontwikkeling intern overgedragen aan de afdeling Projectmanagement & Vastgoed. In het onlangs vastgestelde ontwerp bestemmingsplan Seghwaert is voor deze locatie de bestemming woondoeleinden opgenomen.
Naar verwachting zal deze locatie over twee jaar in aanmerking komen voor herontwikkeling.
Het pand Abrikozengaarde 26 was tot 1 juli 2007 verhuurd aan Kern Kinderopvang BV. Door Kern Kinderopvang BV is per deze datum de huur opgezegd. Omdat er geen geschikte gebruiker te vinden was voor dit pand wordt in overleg met de afdeling Projectmanagement en Vastgoed (P&V) van de hoofdafdeling Ruimte voorgesteld deze locatie aan te merken als een herontwikkelingslocatie.
2.3.8 Roggeakker – van openbaar gebied naar bestemming als parkeergarages
28 mei 2002 – Voorbereidingsbesluit -Het nemen van een voorbereidingsbesluit wordt voorgesteld met het oog op een gewenste ontwikkeling te weten een concreet bouwplan tot de reconstructie van het wooncomplex aan de Roggeakker en de bouw van 12 garages in het openbare gebied. De bedoeling is om van de huidige garageboxen onder het wooncomplex bergingen te maken en de garages elders in het openbare gebied nieuw te bouwen.
Ik heb niet kunnen achterhalen of en hoe de garages zijn ondergebracht in het nieuwe plan.
Groene ruimte
2.3.9 Beleidskader. Plan strijdig met de Nota Ruimte 2004
In de Nota Ruimte 2004 is door de overheid een verzoek aan de gemeente opgenomen om volkstuinen bij herstructurering zoveel mogelijk te ontzien en de aanleg van nieuwe volkstuinen te stimuleren.
Met het huidige bestemmingsplan wil de gemeente Zoetermeer juist volkstuinen aan de Veulenweide uit Seghwaert wegsnijden om er woningen te bouwen.
Ook in het provinciale beleid ligt de nadruk op het ontwikkelen van een duurzame omgevingskwaliteit en geeft actief invulling aan het beleid op ecologische, economisch en sociaal-culturele gebied. Binnen het huidige plan schort het aan actief beleid.
2.3.10 Groenbeleid Zoetermeer komt niet tot zijn recht.
Zoetermeer Visie Openbare Ruimte (VOR) , februari 2008. Terwijl in het beleid van de gemeente versnippering van groen als negatief en behoud van “robuust” groen als positief wordt ervaring leidt het weghalen van het robuuste groen van de volkstuinen aan Veulenweide tot een verdere versnippering en een verarming van de ecologische zone rond de grote doorgaande vaarten.
2.3.11 Plan niet in overeenstemming met het masterplan 2025 (Gemeente Zoetermeer, maart 2002)
Bij het masterplan wordt uitgegaan van een beleid tot behoud van groen (volkstuin, trapvelden), behoud van voorzieningen op wijkniveau, behoud van ruimtelijke diversiteit en afziet van verdere verdichting ten behoeve van woningbouw.
Ik citeer uit het plan:
Speelruimte
2.3.12 Speelplekken en ruimte verdwijnen
De speelplekken het Buizerdveld en Chrysantentuin zijn van een grootte dat ze kunnen worden gebruikt door jong en oud en voorzien daarmee in een grote behoefte. De omvang van het Buizerveld geeft zelfs de mogelijkheid tot het houden van evenementen in de wijk en daarmee het versterken van de sociale cohesie.
Het is fout om de jeugd deze ruimte af te nemen. De buurt ziet hierin een verkeerd politiek signaal.
2.3.13 Eenzijdige nonsens argumenten in antwoord op inspraakreacties.
De gemeente heeft tijdens inspraakavonden vele nonsens argumenten laten passeren:
Het zijn antwoorden die de politiek van Zoetermeer vervreemdt van de wijk en haar bewoners.
Elders wordt in gemeentelijke stukken beschreven dat vooral de oudere jongeren geen ruimte hebben, geen hangplekken. Wanneer de leefruimte door woningbouw nog verder wordt beperkt zullen de problemen met de oudere jongeren alleen maar verder toenemen.
2.3.14 Rampzalig plan voor de jeugd.
Op pagina 25/159 van het ontwerp bestemmingsplan staat te lezen:
“Door de dichte bebouwing is al snel last van hangjongeren. Met de uitbreiding van de huidige jongerenruimte aan de Koeienweide is voor een deel aan de behoefte van de jongeren in de wijk tegemoet gekomen”.
Waarom dan toch met het plan komen het Buizerdveld volbouwen? Er wordt immers al gewaarschuwd voor de al dichte bebouwing en een probleem dat nog niet is opgelost.
“Voor oudere jongeren ontbreekt het aan voldoende grote jeugdspeelplekken. Vooral in Seghwaert zuidwest vormt dit een probleem aangezien in dit deel van de wijk onvoldoende tot geen ruimte voorhanden is om dit soort grootschalige voorzieningen aan te leggen. …”
Waarom is er wel in Seghwaert zuidwest ruimte voor 240 apartementen (E) en 65 woningen (F)
Als oplossing worden de jongeren naar randgroen en wijkparken verwezen! Dat is wel erg gemakkelijk en van een bijzonder laag niveau! In de parken als de Leyens is al veel overlast en men voelt zich daar al onveilig. Naar het Weidse veld hebben ze de kleine kinderen van het Buizerveld ook al doorverwezen. Inmiddels heeft men meer dan 50 % van het Weidse veld als waterberging aangewezen. Het lijkt wel of de jeugd een rol van geen enkele betekenis speelt in het plan.
Nee in het ontwerp bestemmingsplan worden de problemen van de toekomst juridisch verankerd zonder enige visie of moed te tonen en duurzaam beleid uit te zetten.
2.3.15 Waterberging
Ter compensatie van bebouwing en verharding van terreinen moet 15% van de oppervlakte gecompenseerd worden in de vorm van waterberging. Waar die waterberging aangelegd moet worden laat het plan zich niet over uit. Het is een lijk dat zorgvuldig in de kast wordt opgeborgen. De juiste omvang en plaats van de berging wordt niet in het plan meegenomen. Het zal een volgende aanslag zijn op de schaarse ruimte. Het is niet uitgesloten dat de jongeren rond de Koeienweide ook groene ruimte moeten inleveren omdat daar in het eerste ontwerp een waterberging was voorzien. En ook voor de parken waar de jongeren uit Seghwaert zuidwest heen gestuurd waren moeten we ons zorgen maken.
Het punt compensatie waterberging in relatie tot de nieuwbouw en ruimte voor de jeugd is onvoldoende in het plan beschreven.
2.3.16 Lucht
Eerder is al aangegeven dat de berekening van de luchtkwaliteit ondeugdelijk is (zie ondermeer berekening luchtkwaliteit 2.2.13).
Door de lagere kwaliteit van lucht en hogere geluidswaarden wordt de realisatie van gevoelige (maatschappelijke) bestemmingen bemoeilijkt. Deze bestemmingen stellen hogere eisen aan lucht en geluid. Behalve dat het plan een aanslag pleegt op de beschikbare oppervlakte die voor voorzieningen beschikbaar staat zullen delen nu ook niet bruikbaar worden of te duur of te onaantrekkelijk worden om voorzieningen te realiseren.
2.3.17 Geluid
Eerder is aangegeven dat de berekening van de verkeersintensiteit ondeugdelijk is. Zo wordt voor de Velddreef een toename van het aantal motorvoertuigen per etmaal berekend van 85%.
In de hele wijk zal de verkeersintensiteit toenemen. Uit de gegeven resultaten kan men met grote zekerheid afleiden dat de geluidsniveaus nu al worden overschreden. Een besluit voor hogere waarden geluid zou daarom voor de hele wijk moeten gelden. Dit plan beperkt haar visie en actie tot enkel de ontwikkelvlekken zonder de gevolgen voor de wijk in ogenschouw te nemen.
Men komt tot de conclusie dat de kosten om de geluidsbelasting (enkel op de ontwikkelvlekken!) te beperken tot een aanvaardbaar niveau te hoog zijn om af te wentelen op de te bouwen woningen. Mijn conclusie is dan ook dat het NIET realiseren van de woningen de meest verantwoorde en goedkoopste manier is om de lucht en geluid binnen de aanvaardbare limieten te houden.
2.4 Argumenten van bestuurlijke aard
2.4.1 Onbevredigende beantwoording van vragen door de gemeente
De gemeente geeft vaak zeer onbevredigende antwoorden geeft op vragen van de bewoners. Vaak is de juridische of informatieve waarde nul. Meer dan eens is de informatie bovendien onjuist!
De vraag van de burger ligt niet centraal maar het beoogde doel van het plan van de gemeente. Bepaalt het antwoord.
Bijzonder ernstig is het misbruik dat de gemeente maakt van Internet (zoetermeer.nl) om de inwoners van Zoetermeer niet actief te betrekken bij de besluitvorming en zelfs te misleiden.
Ik heb vastgesteld dat:
2.4.2 Verwijderen van informatie op Internet
Nadat mijn eerste melding was gedaan dat plankaarten onjuist waren was de nieuwsbrief met de informatie over de terinzagelegging niet meer te vinden op de internetsite zoetermeer.nl. Pas op 10 juli werd op de wijkpagina gemeld dat de plannen al vanaf 30 juni 2008 ter inzage lagen.
2.4.3 Informatie wordt door manipulatie onvindbaar gemaakt op Internet
Het bestuur van de gemeente en ICT-stad Zoetermeer, met het bestemmingsplan Seghwaert als aangewezen pilot voor de digitale informatieverstrekking, bouwt aan een dubieuze reputatie!
Met betrekking tot de terinzagelegging van het plan heb ik vastgesteld dat:
2.4.4 Verstrekkken van verkeerde en misleidende informatie
Op de internetsite van Zoetermeer wordt verkeerde en misleidende informatie neergezet:
3. Meerjarenprogramma Herziening Bestemmingsplannen
Raadsbesluit 070560, 15 november 2007, Meerjarenprogramma Herziening Bestemmingsplannen
In te stemmen met het "Meerjarenprogramma Herziening Bestemmingsplannen" voor de jaren 2008-2013, waarbij jaarlijks actualisatie plaatsvindt gekoppeld aan de P&C-cyclus.
Ik citeer:
Stand van zaken digitalisering
------------------------------
Gemeenten dienen om te voldoen aan de verplichting vanuit de nieuwe Wet op de Ruimtelijke Ordening voor 2013 te beschikken over actuele bestemmingsplannen die tevens digitaal beschikbaar en uitwisselbaar zijn, conform de daartoe geldende standaarden. Hiertoe dienen ruimtelijke plannen die na 1 juli 2008 als ontwerp -bestemmingsplan ter inzage worden gelegd, digitaal aan een ieder beschikbaar te worden gesteld. Opgemerkt wordt hierbij dat het digitale plan leidend zal zijn ten opzichte van het analoge bestemmingsplan. De digitale beschikbaarstelling dient actueel, volledig en uitwisselbaar te zijn.
De digitaliseringverplichting geldt overigens voor alle planvormen die de nieuwe Wet op de Ruimtelijke Ordening kent, zoals bestemmingsplannen, de projectbesluiten (de huidige vrijstelling ex. Artikel 19 lid 1), de ontheffingen (de huidige vrijstelling ex. Artikel 19 lid 3), de voorbereidingsbesluiten, de beheersverordeningen, de Structuurvisie enz.
De situatie in Zoetermeer
Voor digitalisering is allereerst standaardisatie nodig, zowel aan de kant van de plankaart als aan de kant van de planteksten (voorschriften en toelichting). Voor de plankaart bestaat een landelijke standaard IMRO (=Informatiemodel Ruimtelijke Ordening) sinds 2003. Zoetermeer beschikt ook over een set modelvoorschriften en toelichting die voldoen aan de SVBP 2006 (=Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen). Zowel voor de tekst als de kaart is nieuwe software aangeschaft.
De volgende bestemmingsplannen zijn opgesteld volgens de landelijke norm:
Noordelijk Plassengebied, Dorp IV, Nieuwe Driemanspolder, Stadscentrum- Oost, Buytenwegh, Seghwaert, Rokkeveen, Verlengde Oosterheemlijn en het uitwerkingsplan Pilatusdam.
Bestemmingsplannen op internet/intranet
Momenteel loopt er een project met de afdeling Stadsbeheer en een externe partij om de viewer in het GemeenteGis geschikt te maken voor bestemmingsplannen. Het ontwerp-bestemmingsplan "Seghwaert 2006" dient hier als pilot.
Werkprocessen
Het opstellen van digitale ruimtelijke plannen vergt een andere werkwijze. Voor de interne werkprocessen binnen de afdeling Stadsontwikkeling is een handboek opgesteld, waarin de nieuwe processen worden beschreven.
Welke zaken dienen nog voor 1 juli 2008 te zijn geregeld:
1. Digitaal beheer (voornamelijk projectbesluiten, ontheffingen en voorbereidingsbesluiten);
2. Digitale inspraak, vaststelling;
3. Voldoen aan de voorwaarden RO-online;
4. Voldoen aan nieuwe standaarden van VROM (waaronder Standaard voor Toegankelijkheid, IMRO 2008, SVBP 2008).
Conclusie
Geconcludeerd kan worden dat Zoetermeer tezamen met een aantal andere gemeenten in Nederland voorop loopt in het kader van de digitalisering ruimtelijke plannen. De verwachting is dan ook dat we ondanks de nog openstaande zaken vanaf 1 juli 2008 kunnen voldoen aan de verplichting om vanaf dat moment ontwerp-bestemmingsplannen digitaal beschikbaar te hebben voor een ieder conform de daartoe geldende standaarden.
Het ontwerp bestemmingsplan Seghwaert zou dus als pilot dienen, om de plannen aan een ieder digitaal beschikbaar te stellen.
Ik stel vast dat men er niet in is geslaagd de digitale media dienstbaar re maken aan de burgers van Zoetermeer om inzicht te krijgen in de bestemmingsplannen. In tegendeel ICT wordt ingezet als “wapen tegen de burgers” om ze zo lang als mogelijk buiten het besluitvormingsproces te houden.
4. Een onderzoek naar rol van de heer Emmens is gewenst
Uit het voorgaande blijkt dat er meer aan de hand is dan men enkel aan het toeval of nalatigheid kan toeschrijven. Een onderzoek naar de heer Berend Emmens, wethouder van de gemeente Zoetermeer met in portefeuille: Stedelijke ontwikkeling en ruimtelijke ordening, economische zaken / ICT, Haaglanden en het project Zoetermeer Oosterheem, is hier op zijn plaats.
5. Verzoek het ontwerp-bestemmingsplan niet vast te stellen
Er deugt te veel niet van dit bestemmingsplan: procedureel, technisch, inhoudelijk en bestuurlijk. Het plan komt mij over als aan bedrog grenzende onzorgvuldigheid over de ruggen van de inwoners van Seghwaert. Voldoende redenen om het huidige bestemmingsplan af te keuren en de procedure geheel en opnieuw te starten: als digitale pilot en als voorbeeld, waarbij de participatie van de burger een belangrijke plaats inneemt.
De vastgestelde ongeregeldheden zullen niet alleen voor het bestemmingsplan Seghwaert gelden. Bij de bestemmingsplannen rond Oosterheem, verlengde Oosterheemlijn, de verstopte CO2-leiding heb ik die zaken immers ook vastgesteld. De indruk groeit dat de misstanden structureel zijn. Een diepgaand onderzoek is hier op zijn plaats. Ik wens de raad van Zoetermeer daarbij veel wijsheid en openheid van zaken toe.
- Op basis van de bovenstaande argumenten maak ik bezwaar tegen het ontwerp-bestemmingsplan Seghwaert 2006. en het ontwerp-besluiten hogere waarden voor geluid Seghwaert 2006.
Het plan ligt niet in lijn met het uitgesproken beleid van de gemeente zelf (Masterplan 2025. Visie Open Ruimte) de provincie en overheid (Nota Ruimte) en de overheid
De gevolgen van het plan en van de houding ten aanzien van lucht, geluid en ruimte vormen een bedreiging voor de toekomst van de wijk
Verzoek:
Naar aanleiding van het voorgaande verzoek ik u de ontwerp-besluiten hogere waarden voor geluid Seghwaert 2006 niet te steunen en in te trekken.
Ik ga ervan uit dat u mij van de verdere procedure op de hoogte houdt.
Ik verzoek u een schriftelijke reactie te geven. Daar waar u reageert op de inhoud van mijn schrijven verzoek ik u het punt van verwijzing duidelijk in uw reactie op te nemen .
Hoogachtend,
E.E.F. Stevenhagen,
Velddreef 293
2727CH Zoetermeer